Discpedia / Discgolf termen

Discgolf disc met een stamp van DiscpediaDe Discpedia verklaart de meeste discgolf termen en nog veel meer. Van Ace tot Zweefvermogen, en alle schijftaal daartussen. Lekker doorzoekbaar en aanklikbaar.

De lijst is al veel te compleet, dus als je nog aanvullingen of correcties hebt, dan horen we dat graag.

53 termen gevonden in categorie Discs

#

150 Class #
Een klasse discs met een gewicht tot maximaal 150 gram. Deze lichte discs zijn (vaak) geschikter voor beginners en dit is de enige klasse discs die is goedgekeurd voor toernooien in Japan.

A

Approach-disc #
Een relatief langzame disc (vaak een midrange of werpputter) die speciaal wordt gebruikt voor de naderingsworp richting de basket. Het doel is niet maximale afstand, maar ultieme precisie en controle. Je gebruikt een approach-disc om de disc zo dicht mogelijk bij de basket te laten landen, zodat je daaropvolgende putt een makkelijke intikker wordt.

B

Base Plastic #
De meest betaalbare, basislijn van kunststofmengsels die door fabrikanten (zoals Innova's DX of Discraft's Pro-D) wordt geproduceerd. Dit materiaal biedt ongeëvenaarde grip, vooral bij nat weer, maar deukt, krast en vervormt aanzienlijk sneller na een botsing met een boom.
Bead #
Een subtiel, opstaand randje aan de alleronderste buitenrand van de disc (vaak te vinden bij putters en midranges). Een bead verandert het gevoel van de grip en helpt de disc vaak om net iets langer zijn (over)stabiliteit te behouden naarmate hij slijt. Discs zonder dit randje noem je beadless.
Beaded #
Zie Bead.
Beadless #
Een disc zonder een 'bead' (een opstaand randje) aan de onderste buitenrand. Veel spelers geven bij hun putters of midranges de voorkeur aan een beadless profiel, omdat de gladde rand voor hen comfortabeler aanvoelt en zorgt voor een naadloze release uit de hand. Omdat het extra randje ontbreekt, slijt een beadless disc (en daarmee de stabiliteit) doorgaans net iets sneller in dan een variant met een bead.
Beating in #
Het proces waarbij een disc door veelvuldig gebruik, slijtage en botsingen inslijt, wat de aerodynamische eigenschappen verandert (vaak wordt de disc onderstabieler).
Bottom Stamp #
Een specifieke productiestijl waarbij de grafische opdruk (de hot stamp) niet op de bovenkant, maar aan de onderzijde van de 'flight plate' is aangebracht. Dit resulteert in een opvallend schone, minimalistische bovenkant van de disc, wat erg populair is bij puristen en spelers die zelf hun discs willen verven (dyeing).
Brick #
Een disc met heel weinig zweefvermogen (glide) die na de worp opvallend snel naar de grond valt, letterlijk als een baksteen. Dit type disc glijdt of rolt nauwelijks door en is daardoor zeer voorspelbaar. Dat maakt zo'n 'brick' ideaal voor harde wind of korte naderingsworpen waarbij de disc exact op de plek van landing moet blijven liggen.

C

Catch-disc #
Een traditionele frisbee met een ronde, stompe rand, ontworpen om veilig te vangen (zoals een Ultimate frisbee). Omdat reguliere discgolf-discs hard en scherp zijn, gebruiken spelers een catch-disc vaak om voor een ronde veilig warm te gooien met een medespeler. Sommige modellen zijn bovendien PDGA-goedgekeurd en kunnen op de baan worden gebruikt voor trage, zwevende worpen.
Control Driver #
Minder vaak gebruikte term die nuance aanbrengt tussen een fairway driver en een distance driver, ontworpen voor een optimale balans tussen afstand en precisie. Meestal een disc met speed 9 t/m 11. Deze schijven hebben een randdikte die nog net comfortabel en gecontroleerd vast te houden is, maar bieden wel de aerodynamica om aanzienlijke afstanden stabiel te overbruggen.

D

Disc #
De speciale frisbee die wordt gebruikt bij discgolf.
Distance Driver #
De snelste discgolfdiscs met een brede, scherpe rand, specifiek ontworpen om maximale afstanden te gooien.
Distance Driver
Dome #
De bolling of opwaartse kromming van de bovenkant (flight plate) van een disc. Een schijf waarvan het midden flink bol staat, wordt in de sport vaak domey genoemd. De mate van deze bolling heeft direct invloed op de vliegeigenschappen: een domey disc heeft doorgaans meer zweefvermogen (glide) dan een plattere variant van exact dezelfde mal.
Domey #
Een term om de fysieke vorm van een disc te omschrijven wanneer de flight plate (de bovenkant) flink bol staat. Een 'domey' disc heeft hierdoor over het algemeen wat meer glide (zweefvermogen) dan een perfect platte (flat top) variant van dezelfde mold.
Driver #
Een type disc dat specifiek is ontworpen voor maximale snelheid en afstand vanaf de tee of de fairway. Drivers kenmerken zich door een plat profiel en een brede, scherpe buitenrand (rim) om efficiënt door de lucht te snijden. Binnen deze categorie wordt onderscheid gemaakt tussen twee soorten: de Fairway Driver (voor gecontroleerde, middellange tot lange worpen) en de Distance Driver (voor de absolute maximale afstand, wat vaak een hoge arm-speed vereist).
Driver

F

F2 #
Zie Misprint.
Factory Second #
Zie Misprint.
Fairway Driver #
Een type disc, sneller dan een midrange maar langzamer dan een distance driver. Bedoeld voor gecontroleerde lange worpen.
Fairway Driver
First run #
De allereerste productiebatch van een gloednieuwe disc (mold) die een fabrikant op de markt brengt. Deze schijven zijn vaak voorzien van een exclusieve 'First Run'-stempel. Bij verzamelaars zijn ze zeer gewild, mede omdat de vluchtkarakteristieken van deze eerste persing soms net iets kunnen afwijken van latere batches.
Flashing #
Een dun, scherp randje overtollig plastic dat soms achterblijft aan de alleronderste rand van een splinternieuwe disc na het spuitgietproces. Deze rand kan oncomfortabel scherp in de hand voelen en zorgt er vaak voor dat een disc in het begin aanzienlijk overstabieler vliegt, totdat de 'flashing' door gebruik op de baan is weggesleten.
Flat Top #
Een omschrijving voor de fysieke vorm van een disc waarbij de flight plate (de bovenkant) volledig plat is, zonder enige bolling. Deze discs hebben vaak iets minder zweefvermogen (glide) dan hun 'domey' tegenhangers, maar snijden wel uitstekend door de wind en voelen voor veel spelers comfortabeler en betrouwbaarder aan bij forehand-worpen.
Flight Plate #
Het grote, relatief vlakke of licht bolle bovenoppervlak van de disc. Dit is het gedeelte waar je duim op rust bij de meeste worpen en het speelt een cruciale rol in de aerodynamica (lift) van de disc.
Frisbee #
De benaming voor de bekende, traditionele vliegende schijf. 'Frisbee' is feitelijk een geregistreerd handelsmerk van de speelgoedfabrikant Wham-O. Hoewel de term in de volksmond voor vrijwel elke werpschijf wordt gebruikt, spreken 'echte' discgolfers vrijwel uitsluitend over een 'disc' of 'schijf' als ze het over hun verslaving hebben.

G

Glow disc #
Een disc gemaakt van speciaal glow-in-the-dark plastic dat licht absorbeert en oplicht in het donker. Deze discs worden specifiek gebruikt om in de avond of nacht te kunnen spelen (een zogenoemde glow round).
Grip #
1) Verwijst het naar de specifieke vingerzetting en techniek waarmee een speler de disc vasthoudt voor de worp, zoals een power grip voor afstand of een fan grip voor controle. 2) Beschrijft het de fysieke textuur en stroefheid van het plastic; een disc met 'goede grip' biedt veel houvast en glijdt minder snel uit de hand, wat met name belangrijk is bij natte of koude weersomstandigheden.

H

Halloween Discs #
Binnen de discgolf-wereld wordt traditioneel groot uitgepakt rond Halloween. Veel merken brengen in oktober speciale edities van hun populaire discs uit. Deze schijven zijn voorzien van unieke, griezelige opdrukken zoals pompoenen, vleermuizen of spoken, en zijn vaak erg populair bij zowel spelers als verzamelaars.
Halo Plastic #
Een premium, visueel opvallende kunststofcombinatie (geïntroduceerd door Innova) waarbij de uiterste buitenrand van de disc een compleet andere, helderdere kleur heeft dan het middengedeelte (flight plate). Naast het esthetische 'halo'-effect, staat dit type plastic erom bekend dat de discs er een stuk overstabieler van worden.

L

Lid #
Een aanduiding voor discs met een dunne rand en een groot, vlak oppervlak, die qua vliegeigenschappen meer lijken op traditionele frisbees of freestyle-schijven dan op moderne golfdiscs. Ze staan bekend om hun vermogen om lang in de lucht te blijven 'drijven' met een stabiele vluchtbaan.

M

Midrange #
Een veelzijdige, ronde disc voor controle op middellange afstanden.
Midrange
Misprint #
Een disc die tijdens het productie- of stempelproces een lichte, puur cosmetische beschadiging heeft opgelopen (zoals een vlekje in het plastic of een dubbelgedrukte stempel). Deze discs vliegen exact hetzelfde als de reguliere versies, maar worden door fabrikanten tegen een gereduceerd tarief verkocht. Synoniem voor Factory Second of F2.
Mold #
De specifieke mal waaruit een fabrikant een disc produceert. Iedere mold heeft een eigen naam (zoals Destroyer, Nuke of Wraith) en vaste vliegnummers.

O

Overmold #
Een geavanceerde productietechniek (voornamelijk gepopulariseerd door merken als MVP en Axiom) waarbij een disc uit twee afzonderlijke componenten bestaat: een kern (flight plate) van lichter plastic en een buitenrand (rim) van zwaarder, dichter materiaal. Dit verhoogt het gyroscopische effect, wat resulteert in een langere en strakkere vlucht.

P

Parting Line #
Parting Line Height #
De subtiele, horizontale naad aan de buitenrand van een disc, ontstaan op de plek waar de bovenste en onderste helft van de productiemal in de fabriek tegen elkaar drukken. Het vergelijken van de hoogte van de PLH is de beste manier om de stabiliteit van twee exact dezelfde discs te testen: hoe hoger de PLH, hoe overstabieler de schijf zal vliegen.
PDGA-approved #
Het officiële keurmerk van de PDGA. Een disc mag alleen in toernooien worden gebruikt als deze door de PDGA is goedgekeurd op basis van strikte technische specificaties.
Plastic type #
Het materiaal waarvan een disc is gemaakt. Basisplastic biedt meer grip maar slijt sneller. Premium plastic is duurzamer en behoudt langer zijn oorspronkelijke vlucht.
Point and shoot #
Een term om zeer neutrale, langzamere discs (vaak putters of midranges) te beschrijven die uiterst gevoelig zijn voor de werphoek, maar extreem weinig 'turn' of 'fade' hebben. Ze vliegen letterlijk in exact de rechte lijn of hoek waarin de speler ze wegwerpt, zonder de fouten van de werper aerodynamisch te maskeren.
Pop-top #
Een disc die zo extreem 'domey' (bol) is, dat het plastic van de bovenkant met een hoorbaar 'plop'- of 'knak'-geluid is in te drukken (vergelijkbaar met het deksel van een geopende jampot). Vanwege de grotere holte onder de disc staan pop-tops over het algemeen bekend om hun verhoogde, langdurige zweefvermogen in de lucht.
Premium plastic #
Een categorie kunststof (zoals Champion, Z-line of Opto) die zeer duurzaam is en langzamer slijt dan basisplastic. Discs van dit materiaal behouden maanden- of jarenlang hun originele vluchtkenmerken en overleven de zwaarste impacten met bomen, al bieden ze vaak iets minder grip bij nat weer.
Prototype #
Een zeldzame testversie van een nieuwe disc die door fabrikanten in kleine oplages wordt uitgebracht vóórdat de massa-productie start. Dit wordt gedaan om feedback te verzamelen of een toernooi-release te hypen. De specificaties en het plastic kunnen bij de uiteindelijke uitgave nog wezenlijk afwijken van het prototype.
Puddle Top #
Het tegenovergestelde van domey. Een disc waarvan de bovenkant (door het productieproces, of door afkoeling en slijtage) licht naar binnen is gedeukt, als een kuiltje.
Putt & approach #
De gecombineerde verzamelnaam voor langzame, bolle schijven (met speed 1 tot 3) die ontworpen zijn voor het putten (het mikken in de kettingen) én het 'approachen' (korte, gecontroleerde worpen om de disc exact onder de basket te positioneren). Vrijwel elke putter is ook een approach-disc.
Putter #
1) De langzaamste en meest rechte discs, specifiek ontworpen voor het putten en korte approaches. 2) Persoon die met een putter een putt probeert te putten.
Putter

R

Rim #
Het buitenste gedeelte van de disc dat men vasthoudt tijdens de worp. De breedte van de rim is de belangrijkst bepalende factor voor de snelheid van de disc; over het algemeen geldt dat hoe breder de rim, hoe hoger het snelheidsgetal (speed rating) van de disc.

S

Speed 14 #
Binnen de technische standaarden van de PDGA is de maximale breedte voor de buitenrand (rim width) van een legale disc vastgesteld op 2,6 cm. Fabrikanten koppelen hier doorgaans het vluchtnummer 'Speed 14' aan (of schieten voor de marketing uit naar 14.5 of 15). Deze schijven vormen de absolute aerodynamische grens van de sport en vereisen een gigantische arm-speed om goed te vliegen. Voor de gemiddelde sterveling fungeren ze dan ook voornamelijk als een peperdure boemerang die na veertig tot zestig meter al onverbiddelijk linksaf de struiken in duikt.
Stamp #
De opdruk of ingedrukte afbeelding op de bovenkant (flight plate) van een disc. Fabrikanten hebben vaak unieke ontwerpen voor elk specifiek model disc dat ze uitbrengen. Een bijzondere of zeldzame stamp is voor veel spelers een extra reden om een disc te kopen of te verzamelen.
Swirly plastic #
Een esthetisch proces in de kunststofproductie waarbij de fabriek verschillende kleuren pellet-materiaal mengt vóór het injecteren in de mal, wat resulteert in marmerachtige patronen of wervelende (swirly) kleuren die elke individuele disc uniek maken.

U

Utility disc #
Een benaming voor schijven (meestal met extreme vluchtnummers, zoals absurd veel 'fade') die je normaal gesproken nooit vanaf de tee zult werpen voor afstand, maar die essentieel zijn in je tas voor specifieke, eenmalige probleemsituaties. Denk aan ontsnappingen uit de bosjes (escape shots) of krachtige rollers (thumbers of tomahawks).

W

Werpputter #
Een putter die specifiek wordt gebruikt om afstanden mee te gooien vanaf de tee of op de fairway, in plaats van uitsluitend voor de laatste worp in de basket. Werpputters zijn vaak gemaakt van duurzamer (premium) plastic, zodat ze meer snelheid en kracht aankunnen dan een standaard putter. Dit zorgt voor een gecontroleerde, vaak zeer rechte vlucht zonder dat de disc te snel afwijkt.
Wing #
De buitenste rand van de disc die wordt vastgehouden tijdens de grip. De term wordt vaak synoniem gebruikt met rim, waarbij wing meer de nadruk legt op de vorm en het aerodynamische profiel van de rand, terwijl rim meestal verwijst naar de fysieke hoogte en de grip. Een distance driver heeft doorgaans een bredere wing dan een fairway driver.