Discpedia / Discgolf termen

Discgolf disc met een stamp van DiscpediaDe Discpedia verklaart de meeste discgolf termen en nog veel meer. Van Ace tot Zweefvermogen, en alle schijftaal daartussen. Lekker doorzoekbaar en aanklikbaar.

De lijst is al veel te compleet, dus als je nog aanvullingen of correcties hebt, dan horen we dat graag.

47 termen gevonden in categorie Discgolf-slang

B

Banging Chains #
De handeling (en het bijbehorende, oh zo bevredigende geluid) van het succesvol in de basket gooien van een putt, waardoor de kettingen luid tegen elkaar kletteren.
Beaten in #
De schade aan een boom die dicht bij de tee staat en waar met grote regelmaat discs tegenaan komen.
Beefy #
De omschrijving van een disc die extreem overstabiel is. Een 'beefy' disc heeft de eigenschap om onmiddellijk en met veel kracht te faden (af te buigen), zelfs bij harde tegenwind of wanneer deze door spelers met enorm veel kracht wordt gegooid.
Birdie Fest #
Een ronde waarbij een speler zoveel birdies achter elkaar scoort dat de rest van de kaart overweegt om kaartjes te verkopen. Zeldzaam, spectaculair en reden voor lichte jaloezie.
Birdogey #
De pijnlijkste combinatie in discgolf: je hebt een goede kans voor birdie, je mist, je come back putt heeft een spit out, en zo heb je ineens bogey. Van één onder naar één boven in twee missers.
Black Ace #
Een afworp vanaf de tee die pardoes, vaak tot hilariteit van de kaart, direct in de verkeerde basket belandt (bijvoorbeeld de basket van een naastgelegen hole). Hoewel de worp op zichzelf indrukwekkend accuraat kan zijn, telt deze niet voor de eigen score en resulteert het vaak in een strafworp of het moeten verplaatsen van de disc.
Bounceback Birdie #
Als je na het maken van een teleurstellende bogey (of double bogey) op de eerstvolgende hole een birdie gooit. Het laat zien dat je een koele kikker bent en dat je mentaal veerkrachtig bent. Maar stiekem toch jammer van die bogey.
Brown Ace #
Een (vaak lange) worp die in één keer direct in een prullenbak op of rond de discgolfbaan belandt. Een dubieus maar gedenkwaardig hoogtepunt van een ronde waar menig speler stiekem toch een klein beetje trots op is.

C

Chastity belt #
De brede, metalen buitenband bovenaan bepaalde merken baskets (zoals de bekende gele banden van Innova). Vertaald betekent de term kuisheidsgordel. De band wordt zo genoemd, omdat het de kettingen als het ware 'beschermt'. Een worp die net te hoog is, wordt door deze strakke rand genadeloos afgeketst in plaats van dat de disc in de kettingen kan vallen.
Chucker #
Een ietwat denigrerende term voor een (vaak beginnende of recreatieve) speler die de schijven met brute kracht en lukraak wegsmijt, zonder veel aandacht te besteden aan werptechniek, baanregels of etiquette.
Course Maintenance #
Wanneer je disc zo hard een tak raakt dat die er volledig afbreekt. Technisch gezien heb je de baan verbeterd voor iedereen die na je komt.

D

Doink #
Het vreselijke geluid dat een disc maakt wanneer deze tegen de buitenkant van het kettingrek (chain rack) crasht en direct op de grond valt.
Drive for show, putt for dough #
Een klassiek gezegde, direct overgenomen uit het traditionele golf. Het benadrukt het feit dat krachtige, indrukwekkende afslagen (drives) vanaf de tee indruk maken op het publiek, maar dat toernooien en prijzengeld (dough) uiteindelijk uitsluitend worden gewonnen door uiterst consistent te zijn met de putter.

F

First available #
Een veelgebruikte term voor de allereerste boom of het eerste obstakel dat zich in of vlak naast de beoogde speellijn bevindt, direct na de teepad of de ligging (lie). De uitdrukking wordt vrijwel uitsluitend gebruikt wanneer een speler de disc direct na het loslaten tegen dit eerste obstakel werpt ("hitting the first available").
Frolf #
Een informele, populaire samentrekking van de woorden 'Frisbee' en 'Golf'. Hoewel het door buitenstaanders en op tv (denk aan de serie Seinfeld) vaak wordt gebruikt, wordt de term door zichzelf te serieus nemende spelers vaak met lichte afschuw bekeken.

G

Grip and Rip #
Een welbekende kreet die vaak wordt uitgesproken (of gedacht) vlak voordat een speler met volle kracht een lange drive gooit vanaf de tee. Het benadrukt het moment waarop de tactische voorbereiding eindigt en de speler puur nog vertrouwt op spierkracht en worptechniek.

H

Head banger #
Een term die wordt gebruikt wanneer een worp zo dicht bij de basket eindigt dat de speler bij het oprapen van de disc het risico loopt het hoofd tegen de basket aan te stoten.
Hot round #
Een ronde waarbij een speler uitzonderlijk goed speelt — ver onder par, met worpen die lijken alsof de basket ze zelf aantrekt.
Houthakker #
Zie Lumberjack.

I

Internet Distance #
De afstand die iemand op internet beweert te kunnen gooien. Doorgaans aanzienlijk groter dan wat in de praktijk daadwerkelijk gehaald wordt. Discgolf-versie van visserslatijn.
Iron Leaf #
Een ogenschijnlijk onschuldig, piepklein blaadje of flinterdun takje dat op onverklaarbare, haast natuurkundig onmogelijke wijze in staat is om de volledige snelheid van een hard geworpen disc af te remmen en deze recht naar beneden te laten vallen. De term zou gepopulariseerd zijn door meervoudig wereldkampioen Paul McBeth na een berucht voorval tijdens een toernooi.

K

Kiss #
Een zachte, lichte aanraking van een boom of obstakel die de vlucht van de disc nauwelijks beïnvloedt. Een kiss is de vriendelijke broer van de kick.

L

Lefty-hole #
Een hole waarvan de ideale vliegroute (fairway) nadrukkelijk naar rechts buigt. Deze lijn is in het voordeel van linkshandige spelers die een standaard backhand gooien. Rechtshandige spelers moeten een forehand- of een anhyzer worp gooien, wat meer techniek van de speler vereist.
Lucky tree #
Zie Tree-love.
Lumberjack #
Een term voor een speler die tijdens een ronde (of zelfs tijdens één enkele hole) zo bizar veel bomen raakt met zijn worpen, dat het lijkt alsof hij bewust is ingehuurd om het bos te kappen.

M

Metal Hit #
Een situatie waarbij een worp (vaak een approach of putt) de buitenkant van de basket, het bovenrek of de middenpaal raakt met een duidelijke metalen klank, maar weigert in de opvangbak of de kettingen te vallen. Zie ook: doink
Mulligan #
Een informele herkansing na een mislukte worp — de disc wordt opnieuw gegooid alsof de vorige nooit is gebeurd. Volledig tegen de regels, maar populair in vriendschappelijke rondes.

N

Nice'en #
Het geven van een compliment over een worp ("Nice shot!") die nog door de lucht vliegt, maar die onverwacht een boom raakt of OB gaat. "Sorry, ik heb je ge-nice'd."
Noodle Arm #
Een zelfspottende term voor een speler die de explosieve snelheid mist om high-speed drivers correct te gooien, waardoor de schijf vaak na veertig meter al treurig de bosjes in duikt. De term wordt ook gebruikt voor het volkomen futloze gevoel in je werparm nadat je veel te veel holes op één dag hebt gespeeld.

P

Pencil whipping #
Het (opzettelijk of gemakshalve) noteren van een betere score dan werkelijk gegooid. Bij officiële toernooien kan dit leiden tot diskwalificatie.
Phantom Branch #
Een tak of twijg die voor het blote oog volledig onzichtbaar is — tot op het moment dat jouw disc er vol tegenaan vliegt. Fysisch een raadsel, statistisch onontkoombaar.
Plinko #
Een worp hoog de bomen in, met de hoop dat de disc via de takken omlaag stuitert en ergens dicht bij de basket landt. Vernoemd naar het bekende tv-spelletje.

R

Run it #
De uitgesproken of mentale beslissing om agressief en direct op de basket te mikken vanaf een aanzienlijke afstand of vanuit een risicovolle positie, in plaats van te kiezen voor een veilige approach (lay-up). Gaat gepaard met heroïsche successen óf dramatische comeback putts.

S

Sending it #
De bewuste keuze om voor de riskante, agressieve lijn te gaan in plaats van de veilige lay-up. Soms briljant, soms direct gevolgd door een triple bogey.
Shank #
Een rampzalig mislukte worp die ver buiten de beoogde lijn uitkomt. Iedereen gooit ze wel eens. Niemand geeft het graag toe. Het ligt niet aan de disc.
Simon Line #
Een worp die eigenlijk niet bestaat — of althans: die niemand anders dan Simon Lizotte zou bedenken. Vernoemd naar de Duits-Canadese distance-legende die bekendstaat om zijn onwaarschijnlijke creatieve worpen.

T

Taco #
Wat er gebeurt wanneer een disc (bijna uitsluitend discs van zachter, goedkoper basisplastic) met extreem hoge snelheid frontaal op een hard obstakel, zoals een boom, knalt. De impact zorgt ervoor dat de disc tijdelijk, of soms permanent, volledig dubbelvouwt in de vorm van een tacoschelp.
Throwler #
Een worp die bedoeld was als een gewone drive of approach, maar per ongeluk op zijn kant landt en begint te rollen. Soms verrassend effectief; altijd een verrassing.
Tombstone #
Een disc die na een spike hyzer verticaal in de grond is geboord, als een grafsteen. Indrukwekkend om te zien, lastig om weer uit te trekken.
Tournament Roll #
Een ongewoon lange en ongelukkige rol weg van de basket na een worp of putt. Deze pech lijkt vaker voor te komen tijdens toernooien dan in vriendschappelijke spelletjes.
Tree-jected #
Zie Tree-nied.
Tree-love #
Een gunstige afketser van een boom. Het zeldzame gedrag van een boom om de vlucht van een disc dusdanig te beïnvloeden dat de disc op een gunstigere plek landt dan zonder die aanraking het geval zou zijn geweest.
Tree-nied #
Wanneer een boom een anderszins perfecte worp tegenhoudt. De disc was goed, de lijn was goed — maar de boom besliste anders. Het tegendeel van tree-love.
Two on one #
Een informele regel die tijdens recreatieve rondes wordt toegepast, waarbij de speler twee worpen mag doen vanaf de eerste hole en vervolgens doorspeelt vanaf de positie van de beste worp. Deze methode staat ook bekend als 'two for one'. In Tilburg heet deze regel Two-on-two, omdat men doorgaans een ronde begint op hole 2.

W

Wus #
Een zwakke putt die totaal geen kans heeft om in de basket te belanden. Niet te verwarren met een strategische lay-up.

Y

Yank #
Vergelijkbaar met een grip lock, maar dan als gevolg van te veel kracht: de disc wordt te ver naar rechts getrokken (bij RHBH).

Z

Zuigend #
(Zou Koen Bakx zeggen.) Wordt geroepen wanneer een boom een aankomende disc rakelings weet te ontwijken. Discgolf013 kreet van diepe bewondering voor de flexibiliteit van een boom.